Half twaalf op een vrijdagavond. Zoals wel vaker voorkwam, zat ik alleen op een bankje aan de oever van de rivier die door Siem Reap stroomt (nee, niet zielig, gewoon relaxed). Goed gehumeurd, mede door het inmiddels halflege tweede blikje bier dat binnen handbereik stond geparkeerd. Terwijl ik op mijn smartphone verwoede pogingen deed mijn Pakistaanse 8 Ball pool tegenstander te verslaan, wandelde jij eerst voorbij om vervolgens een paar stappen terug doen.

Kortom, mijn ervaringen met dove mensen zijn op één hand te tellen.

Ik keek op en zag hoe je met rechts twee vingers naar je mond bracht en met links naar het pakje sigaretten wees dat knus tegen mijn blikje bier aan lag te schuren. Je gebaren werden vergezeld met twee korte kreunen. Ik legde twee sigaretten in je inmiddels uitgestoken hand, wat blijkbaar voor jou het sein was om naast me te gaan zitten.

Terwijl jij op een beetje onhandige manier de sigaret aansteekt, vraag ik me af hoe ik in hemelsnaam een gesprek ga voeren met een dove. Gebarentaal is bij voorbaat uitgesloten, daar heeft deze boer geen kaas van gegeten.

De Google vertaal-app biedt hier ook niet echt uitkomst: doof is immers in elke taal hetzelfde. Ik voel me twee seconden dom en probeer me eerdere situaties voor de geest te halen, waarin ik te maken had met een dove.

En die momenten kan ik me simpelweg niet voor de geest halen, omdat ze er nauwelijks zijn….

Wat moet je nou met een telefoon als je doof bent?

Ja, ok, ik heb wel eens naast een dove in de winkel gestaan of op een terras gezeten waar mensen in gebarentaal met elkaar communiceerden. Ik kan me vaag een dove collega op een school herinneren. Zij werkte als ambulant begeleider voor twee of drie dove kinderen, maar daar had ik nauwelijks contact mee. Kortom, mijn ervaringen met dove mensen zijn op één hand te tellen.

Terwijl ik nog wat in mijn geheugen zat te graven, pakte jij je smartphone uit je zak. “Wat moet je nou met een telefoon als je doof bent?”, vroeg ik me zelf (naïef) af. Het antwoord diende zich meteen aan: foto’s!

Bij elke foto die je vergroot volgt een kreun. Ik ja-knik me suf, terwijl mijn opgestoken duim overuren draait. Ik weet ook even niet wat ik anders moet doen.

Je gaat met een sneltreinvaart door alle foto’s heen en de manier waarop je dat doet, amuseert me. Bij enkele foto’s blijf je wat langer hangen. Je glimlach wordt dan wat groter en je kreunen heftiger. Ik neem aan dat deze foto’s speciale momenten in herinnering brengen.

Minuten verstrijken en zonder dat je er zelf erg in hebt, verdrink je in je eigen fotoalbum. Ik werp een blik op mijn smartphone en constateer dat mijn Pakistaanse tegenstander gewonnen heeft. Zodra je mijn smartphone ziet, gritst je het ding uit mijn handen en gaat op zoek naar mijn fotoalbums. Je gaat er snel doorheen, wijst en kreunt af en toe wat en geeft na een minuut of twee het toestel dankbaar terug.

Verzamel momenten, geen dingen…..

Dat was de tekst die (in het Engels) te lezen was op het shirt dat ik die avond droeg. Wijze woorden en er was geen beter moment om ze te gebruiken.

Ik neem een flinke slok uit het biertje dat geduldig op mij wacht, stoot jou aan, wijs naar het blikje en steek mijn duim omhoog. Jij snapt direct wat ik bedoel, knikt enthousiast ja en steekt ook je duim omhoog. Ik tik 8 Ball Pool weg en zoek snel via Google images een afbeelding van een disco.

Wederom een enthousiaste knik en je duim in de lucht.

Dansen met een dove

De disco die ik in gedachte heb, stond al op het programma voor later op de avond. Het is er nooit heel erg druk en het publiek is er super relaxed. Ik ga er meestal niet alleen naar toe, maar voor vanavond was een uitzondering gepland. Daar kwam nu dus verandering in.

Je bleek een fiets bij je te hebben die even verderop tegen een boom was gedropt. Het ding had nauwelijks lucht in de achterband en na vijf of zes meter een poging te hebben gedaan vooruit te komen, stapte ik af en hield een passerende tuk-tuk aan. Fiets erin en gaan!

Vier of vijf minuten later kwamen we aan bij Club Galaxy. Zoals gewoonlijk werden we welkom geheten en naar een lege plek geleid. Ik bestelde wat flesjes bier en jij begon gretig foto’s te nemen.

“Daar zit je dan, Mies….. met een dove… in een disco!”

Ik vroeg me af wat er door je heenging. Of je bepaalde tonen van de muziek wel kon horen. Of je het lef zou hebben de dansvloer op te gaan. Of ík het lef zou hebben met een dove de dansvloer op te gaan….en hoe dat er dan uit zou zien. Opnieuw irriteerde ik me aan het feit dat ik geen pasklare antwoorden op deze vragen had.

We dronken bier, keken naar de foto’s die je maakte en werden vermaakt door de dansende menigte op de dansvloer. Tot ik daar genoeg van had, jou aanstootte en naar de dansvloer wees.

Dansen op het licht?

Zonder moeite wist je de maat van de muziek te volgen. Je danspassen waren nauwelijks te onderscheiden van de andere gekke moves die zo typerend zijn voor Cambodjaanse discogangers. Dit was duidelijk niet je eerste bezoek aan een dansvloer.

Dans je op het licht?
Stiekem toch niet helemaal doof?
Na-apen?
Geluidsgolven?

Een paar tellen lang vroeg ik me verbaasd of hoe het mogelijk was dat een dove zo lekker kan dansen. En nee, ik had mezelf dat inderdaad nog nooit eerder afgevraagd…. maar nu weet ik!

We hadden lol, dansten een gat in de nacht en hebben – het mag inmiddels duidelijk zijn – geen woord gewisseld.  Het werd méér dan gewoon een avondje clubbing , meer dan zomaar een ontmoeting met een vreemde en meer dan zomaar een afscheid met een zoen en een zwaai.

Het kostte jou drie stappen terug en mij een sigaret en een verloren spelletje 8 Ball Pool. Ik heb antwoord op een vraag die ik mezelf nooit had gesteld en heb een waanzinnig leuke nacht gehad.

We gaan elkaar niet spreken, niet bellen en niet schrijven. Een keer in de zoveel weken zwaai je naar mij via Facebook en ik zwaai dan vrolijk terug, gevolgd door een GROTE duim omhoog.

ឃើញអ្នកនៅពេលខ្ញុំឃើញអ្នក
Michael